|
Een project rond "Leefsleutels voor onze school"
Toeka is de naam van een speelse vogel die heel wat beleeft doorheen
verhalen en activiteiten. Hij wil kinderen laten stilstaan bij hun denken, hun
houding en hun gedrag door ze mee te nemen naar een wereld vol magie en
verrassingen. Daarnaast moedigt hij hen aan samen met de juf of meester op een
speelse manier sociale vaardigheden in te oefenen.
Op dinsdag 7 oktober werd Toeka voorgesteld op de zolder van de Leemstraat.
Juf Ann had een reusachtige kartonnen doos meegebracht en vertelde aan de
kinderen van de 1e en 2e graad het volgende verhaal :

| Vorige zondag ben ik naar de vogeltjesmarkt
geweest. Daar zag ik plots een boel mensen, die rond een reuzengroot
ei stonden. Het trok mijn aandacht, ik wou ook weten wat er gaande was en
liep ernaartoe. Op dat moment kwamen er net grote barsten in dat ei, en
begon het langs alle kanten te schudden en te daveren. Doorheen een grote
barst stak er plots een grote, gele poot. De mensen weken wat opzij, want
ze wisten niet wat er nog verder tevoorschijn ging komen. Toen kwam er ook
nog een tweede gele poot uit het ei, en viel het reuzenei in twee helften
open. Toen zag ik iets dat ik nog nooit gezien had ! Uit het ei kwam de
grootste, de mooiste vogel die ik ooit had gezien !
De vogel schudde zijn reuzenvleugels uit en begon toen een heel
grappig liedje te zingen, écht waar. Het liedje was zo vrolijk en
grappig, dat alle mensen er dadelijk zelf ook vrolijk van werden. Hij zong
over ‘Toeka, Toeka,’; want dat was zijn naam.
Toen zette Toeka zich neer naast zijn leeg ei, en stak zijn kop weg tussen
zijn grote vleugels. Een dikke traan viel op de grond.
Ik ging voorzichtig naar hem toe, en vroeg wat er scheelde.
‘Ik heb geen huis’, zei hij, ‘ik weet niet waar ik kan gaan
wonen – alle vogelnesten zijn veel te klein voor mij’
Dat vond ik heel erg. Toeka had zo mooi gezongen, en hij zag er
zo mooi en zo lief en zo vrolijk uit… en nu zat hij daar verdriet te
hebben omdat hij geen nest vond. Toen dacht ik aan de school; hier is erg
veel plaats. De zolder is heel groot, we hebben hier heel veel klassen,
een grote speelplaats,… en de kinderen zouden het mooie liedje van Toeka
zeker heel leuk vinden…
Toeka vond dat een geweldig idee ! Hij was dolblij dat hij mee
naar school mocht.
Toen heb ik hem in een kartonnen doos(je) gestopt en mee naar
hier gebracht. Maar ondertussen is hij een beetje bang geworden, bang van
’t lawaai misschien, en ook wat bang van al wat nieuw is,… We moeten
heel stilletjes zijn, want anders durft hij zeker niet uit zijn doos komen
!
|
De kinderen zongen samen met de juffen het Toekalied en na
een tijdje durfde Toeka dan toch uit de doos klimmen.


Toen volgde er een
gesprekje met Toeka:
| Dag lieve kinderen. Ik ben Toeka. Mag ik echt hier op
school komen wonen ?
Dat vind ik heel fijn !
Maar…. Ik ben eigenlijk niet alleen. Ik heb een heleboel
kinderen bij, allemaal kleine Toekaatjes. Krijgen die ook een plaatsje op
school ?
(Toeka haalt de kleine vogels boven en verspreidt ze over de
zolder)
In dialoog met de kinderen en juf Ann komt de idee naar
boven dat er in elke klas een kleine Toeka mag komen wonen.
En Toeka vertelt weer :
Mijn kleine Toeka-kinderen zijn heel blij dat ze in jullie
klasjes mogen komen wonen. Maar… een Toeka kan wel niét lezen, niét
schrijven, niét rekenen.
Want een Toeka is een Toeka, en die kunnen àndere dingen dan lezen en
schrijven en rekenen. Toeka’s zijn vogels met een hééééél groot
hart. Daardoor zijn ze ook bijna helemaal rood; da’s van de kleur van
hun grote hart. En Toeka’s kunnen héél goed de dingen van het hart :
luisteren, en stil zijn, en lachen, en lief zijn voor mekaar, iemand
helpen, wachten,…
Weet je wat ik doe ? Als jullie straks terug in jullie klasje zijn, dan ga
ik heel even op bezoek komen. En de kleine Toeka die ’t liefst in jullie
klasje komt wonen, die breng ik meteen mee !
En dan ga ik straks naar Vinkenhof en naar de Bosstraat, want daar zijn
ook nog veel klasjes waar een Toeka kan gaan wonen.

Ik heb wel echt héél véél kinderen hé ?
Weet je, toen ik op al mijn eieren zat om die uit te broeden, dan
had ik echt wel vreselijk veel werk. Mijn poep was gewoon te klein om op
zoveel eieren tegelijk te gaan zitten. Toen heb ik hulp gekregen van
enkele broedmoeders.
Kennen jullie dat, broedmoeders ? Dat zijn moeders die mee op
eieren gaan zitten om die uit te broeden.
En dankzij de hulp van die broedmoeders, zijn al mijn kleine Toeka’s
gezond en wel uit hun ei geraakt ! Dat is wel echt heel lief van hen hé.
Willen we samen het Toeka-lied nog eens zingen om hen te bedanken ? |
De "broedmoeders" worden door Toeka bedankt met een klein
Toeka-popje.
Daarna gaan de kinderen terug naar de klas en komt Toeka nog even langs om zijn
kinderen (=een Toeka-handpop) een mooi plekje in de klassen te geven.
|